Blogloze 1 januari met een reden

Impulsiviteit en geluk in een vaatje

Gisteren stond ik op en dacht: Yep, mijn jongste is thuis vandaag, het is Nieuwjaar, tijd voor een eerste verrassing.

Ik wist het nog niet op 31 december dat ik dit ging doen, mijn schat had blijkbaar wel al een vermoeden want hij was met de camionette naar het werk vertrokken en had de gezinswagen voor de deur laten staan.

En dus spring ik enthousiast de wagen in met een fles water en tik het adres in Maastricht in. Het bericht naar mijn jongste vermeldt kort: naar Maastricht, cu!

Ik weet dat ze zeker nog een uur in bed ligt dus dan ziet ze pas dat ik kom als ik al halverwege of verder ben. Ik zie haar gezicht nu al voor me!

2u10 minuten… Ik wil er niet bij stilstaan en overtuig mezelf: Yes, you can! Mijn ventje is gaan werken, moet slapen straks en weer werken dus hij rust beter alleen.

Op de keukentafel ligt een briefje: eventjes heen en terug ritje Maastricht! X Vee

Een twintigtal minuten onderweg ben ik bijna aan de afrit om naar mijn pa te gaan. Zou ik afslaan, vraag ik hem mee?, schiet er door mijn hoofd.

Nee. Onder dit mom maakt het duiveltje op je schouder zich klaar om op te geven, Vee. Stoppen is terugkeren…

Dus rijd ik met een gevoel dat ik mezelf tegenhoud voorbij de bewuste afrit en direct daarna komt het besef dat ik nu echt niet meer terugkan. Ik ben al zo ver.

Goed zo!

Op radio Nostalgie klinken de allerbeste nummer 1-hits uit de voorbije jaren en ik geniet volop van het cruisen. Het is niet druk op de weg en af en toe brul ik mee, als een halve maar gelukkige gek met in mijn achterhoofd de idee dat er eentje superblij zal zijn.

En in mijn zelf opgeroepen euforie denk ik dat, mocht ze niet thuis zijn, ik dan toch fier zal zijn dat ik het gedaan heb, de hele rit alleen.

Een twintigtal minuten voor aankomst begint mijn blaas op te spelen maar twintig minuten hou ik het nog wel nog vol.

Maar dat is buiten mijn jongste gerekend.

Mama, ben je onderweg? Jippie!!!!!Wil je je gps aanpassen naar het volgende adres? De poort staat open en we (haar vriend en zijzelf) wachten je buiten op.

Hupla, gedaan met de zenuwloze rit want waar pas ik in godsnaam dat adres aan? Koortsachtig zoek ik de eerste stopplaats op mijn weg en voer het adres in dat ik toch wel twee minuten luidop citeer om het niet te vergeten. Wat was het nummer ook weer? Dat vraag ik straks wel als ik in de straat sta…

Yep. De 20 minuten veranderen onmiddellijk in 55. Miljaar!!! Mijn blaas! Ik vertrek direct want alleen een toilet instappen op een plaats als dit zie ik helemaal niet zitten.

De scenario’s van wat zich kan afspelen op deze plek aan de kant van de weg schieten me voor de ogen…

En de gps leidt me langs ongekende wegen, afrit 47 wordt Ausfahrt 47 en ik realiseer me plotseling dat ik in Duitsland zit.

Mijn telefoon licht op.

Nu niet, kind, ik moet mijn waze kunnen zien of ik rijd verkeerd!

-“Mama, waar blijf je? Wat zie je rond je?”

-“Kind, ik vind het wel en je ziet me straks maar niet meer bellen, ik wil de kaart zien op mijn gps!”

En dus rijd ik de snelweg af, Ausfahrt 47 en zoek het adres. Je raadt het al: je bent aangekomen op je bestemming.

Nope, ik zie niks dat op een poort lijkt en wat zoek ik eigenlijk? Ah ja, nummer 16, die ben ik al voorbij, dus weer een toertje gereden.

Sla links af…. en dus rijd ik een doodlopend straatje in met een oprit vol auto’s en weinig ‘omdraairuimte’.

Het zweet staat ondertussen in mijn laarzen maar het lukt me om te keren in 27duizend manoeuvres… 🙄

Daar! Een poort met een oprit die het bos inrijdt, zou het daar zijn? 16. Yep.

Daar huppelt ze me tegemoet, mijn overgelukkig kleintje. Ik word overladen met kussen en knuffels en arm in arm gaan we de bungalow binnen. Het is zalig om haar zo gelukkig te zien…

Waar is het toilet? Mijn eerste vraag in het huis van zijn ouders is er niet direct een van hoog niveau maar dan bedenk ik dat ik het dubbel en dik verdiend heb.

-“Mama, dat is Chantal en dat is Jan.”

Yep. We zijn geland. En ik weet dat ik vanavond naar huis moet ook maar daar wil ik nu nog even niet aan denken.

Vee

Wat eten we vandaag…

Nog even wat rust inlassen vooraleer we er weer invliegen.

Gisteren heb ik niet zoveel me-time gehad: eventjes driekwart door en driekwart terug gereden naar de tegenexpert van de arbeidsgeneesheer van mijn oudste – een ritje voor de koning, zoals ze hier zeggen…

10 minuutjes zijn we binnen geweest maar die man was gelukkig dokter genoeg om haar arm op te meten en een armdikte van -jawel- 2cm! meer vast te stellen aan de arm waarop ze gevallen is. Conclusie: als het woensdag nog niet gaat om te werken ga je terug naar de huisdokter…

En door deze wijze woorden wordt ze de twee dagen die de eerste ‘klutser’ haar vroeger had bevolen terug te werken maar die ze wegens te veel pijn niet kon waarmaken, toch betaald.

Mensen, wat een tijdverlies en geldverspilling allemaal! Mocht ik zo onpraktisch in mekaar zitten dan had ik nooit een gezin kunnen runnen! Maar het is een keten dus dan heb je miljoenen en papierwerk genoeg om zoiets te verzinnen…

En met onze regering is het geld bij de rijken te rapen, niet bij gewone mensen zoals ik en al zeker niet bij de jeugd die geenszins toekomt aan sparen op deze manier. En toch proberen ze daar dus nog geld te gaan halen.

I’m as appie as can bie, e – roept mijn ventje.

Ik moet eerlijk zijn en de context vermelden: hij kwam binnen met het nieuws dat de overgang naar 2018 niet denderend zal zijn. Zijn weerapp voorspelt storm en regen en donker weer.

Ik heb geen app nodig daarvoor. En ik zeg nog eens dat ik die negatieve gedachtengang niet kan/wil delen en dat hij dit niet moet meedelen als ik zo positief ingesteld ben als vandaag. Hij weet dat trouwens, negatief nieuws, daar ga ik los over, ik luister er niet naar.

En dus huppelt hij in pyjama door de living met : I am appie as can bie – e!

Gelukkig is hij even zot als ik, ik zou niks anders willen, twee gelukkige zotten samen 😜… en ik heb zo het idee dat we dementer worden met de dag dus ook gelukkiger.

Terug naar ‘wat eten we vandaag…’

Mijn schat heeft de gewoonte om een vers brood direct in de vriezer te steken en een bevroren brood eerst op te eten.

De vraag : -waarom mag IK nooit eens vers brood eten? is hier al meerdere keren gevallen. Zijn antwoord is steevast: “Maar dat IS vers brood, schat!”

Huh?

En toen ik zei dat ik ging ontbijten, zei hij: “Er zijn nog scampi met pasta over van gisterenavond, of je eet ‘verse’ stuutjes. Keuze genoeg!

Als ontbijt? Geef me maar stuutjes (boterhammen) met chocolade, als er nog chocolade is…

Nope dus… Dan maar de pralines die ik kreeg van mijn jongste met kerstdag op tafel gezet met de idee dat chocolade chocolade is.

Niet dus. Dat is buiten de vulling met drank gerekend.

<<<

Ineens schieten de woorden van wijlen mijn ma mij door het hoofd : “Goe verscheen is goe tegoare!” oftewel ‘het gaat apart je mond in maar komt toch allemaal samen in je maag terecht’.

Yep. En met die wetenschap en de wetenschap dat West-Vlaams toch een stuk veelzeggender en korter is dan het Algemeen Nederlands neem ik nu een bijt in mijn praline, vervolgens in mijn stuutje en drink een slok hete koffie.

Smaken doet het niet, maar ik heb ontbeten en kan aan mijn dag beginnen!

Vee

Nog geen 2018

Deel 1 van de hoverboardhistorie

Gisteren had ik per sms een gesprek met mijn oudste dochter.

Ze was op kerstdag bij mijn ex-schoonzus uitgenodigd en had, enthousiast zoals ze is, het hoverboard van een van de drieling uitgeprobeerd.

Was ik erbij geweest dan had ik haar gewaarschuwd, doe het niet.

Ik heb daar namelijk al een zesde, zevende en achtste zintuig voor…

Dus volgde er ‘s avonds op weg naar huis een sms dat ze een kwalijke val had gemaakt en op haar arm en nek was gevallen.

Kwalijk is het woord dat mijn jongste later op de avond sms’te.

-Maar het is niet zo erg, mama. Het doet maar een beetje pijn.

Vandaag ging ze enthousiast werken blijkbaar maar na een half uur stond er een ei op haar arm.

Dus de huisarts verwees door naar spoed voor foto’s en het resultaat : een zware kneuzing, een mitella en om te beginnen een week thuis.

Sommigen zouden een moord doen om tussen kerst en nieuw thuis te zijn, alleen bij ons is dat niet nodig, het gebeurt vanzelf 🙄.

– Oh mama, we zijn nog geen 2018 dus het mag nog gebeuren. Vanaf volgend jaar gaat alles beter.

Yep. Ik ben er zeker van 🙄.

Ondertussen in Maastricht is zus ook op de hoogte want die is supervroeg om 5u opgestaan voor een vroege hotelshift en ik vroeg haar hoe het ging na een emotionele kerst bij ons. Ze kreeg gisteren een supercadeau, liet ze me weten.

Ik wist er van maar ik heb voor een keer mijn lippen kapot gebeten om niets te verklappen.

Haar zus had het lumineuze idee gehad om aan zoveel mogelijk mensen te vragen om een deel positiviteit op kaartjes te schrijven.

Die stopten we in een curverbox en zo heeft ze ruggensteuntjes van ons allemaal als ze het even niet meer ziet zitten, zoals: ‘you go, girl!’ Of ‘ik zit een rinkeltje van je vandaan’ en ‘als iemand zegt dat je het niet kan, probeer het toch maar’ of ‘dikke kus en een leuke dag!’…

Ik vroeg haar, enthousiast als ik zelf ben over het idee, of ze er al eentje gelezen had.

-Mo mama, ik doe dat pas als ik me niet lekker in mijn vel voel, e!

Yep, domme mama toch!, denk ik dan bij want ik zie haar gezichtje zo voor me en haar ogen draaien net zoals het emoticontje… 🙄

So, vandaag heb ik al iedereen gehoord behalve mijn ex. Die slaapt door alles heen en leest het hele verhaal wel als alles voorbij is.

Ondertussen vraagt mijn oudste of ik het doktersbriefje ga ophalen en dan even langskom?

Ik vraag me af of het niet simpeler is om in spoed gewoon een briefke te vragen. Ik snap soms de logica niet.

En als ik het vraag waarom het zo niet gebeurd is, is ze pissed. Waarschijnlijk meer op zichzelf maar soit.

-Ik begrijp jou echt niet, mama!

Yep, het is tegen de deur 🙄. Ik rij morgen wel een toerke…

Nu is het tijd voor koffie en een gekregen macaron. Relax!!

Vee